IS-leider is Mosoel ontvlucht voor begin Iraaks offensief

IS-leider is Mosoel ontvlucht voor begin Iraaks offensief
IS-leider is Mosoel ontvlucht voor begin Iraaks offensief

De leider van terreurgroep Islamitische Staat Abu Bakr Al-Baghdadi “is nog in leven”, maar “heeft Mosoel verlaten” toen de Iraakse troepen de stad naderden. Dat heeft een Amerikaanse verantwoordelijke van Defensie gemeld, die voorspelt dat IS zijn kalifaat zal verplaatsen naar de Eufraatvallei. De IS-leider “oefent waarschijnlijk geen enkele tactische invloed uit op de manier waarop de strijd wordt gevoerd” tegen de Iraakse troepen in Mosoel, aldus de verantwoordelijke die anoniem wilde blijven. “Hij heeft waarschijnlijk grote strategische richtlijnen gegeven” aan zijn militaire leiders ter plaatse en heeft hen de strijd laten voeren.
Al-Bagdhadi wordt opgespoord door het Amerikaans Special Operations Command (SOCOM) en de Amerikaanse inlichtingendiensten, net als dat het geval was bij al-Qaida-leider Osama bin Laden.
Het was in Mosoel dat Al-Bagdadi in juni 2014 zijn kalifaat had uitgeroepen. Ondertussen hebben Iraakse troepen het oosten van de stad weer in handen, en bereiden ze zich voor om ook het historische westelijke stadsgedeelte te heroveren.
Indien IS Mosoel verliest, zullen de strijders zich meer concentreren op de Eufraatvallei, nadat de terreurgroep ook al Raqqa in Syrië verloor. “Ik denk niet dat de jihadisten het hebben opgegeven om territoria te controleren in het kader van een kalifaat”, aldus de Amerikaanse verantwoordelijke nog. “Ze maken plannen om te blijven functioneren als een pseudostaat geconcentreerd in de vallei van de Eufraat”, in het oosten van Syrië en het westen van Irak, na de val van Mosoel en Raqqa, klinkt het.
Ze zijn “allicht” bezig met de reorganisatie van hun administratie om te kunnen blijven functioneren ondanks aanvallen van de coalitie, aldus de Defensiebron, die toevoegt dat IS al 65 procent van zijn terrein is verloren sinds zijn hoogdagen in 2014. Volgens het Pentagon telt de jihadistische groep nog maximaal 15.000 strijders. Bijna de helft van de strijders zouden al omgekomen zijn.

Bron: Belga