Wel degelijk wettelijke basis voor proefproject rond tasers

Wel degelijk wettelijke basis voor proefproject rond tasers

Er is wel degelijk een juridische basis om het proefproject met tasers op te starten. Dat stelt minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon bij monde van zijn woordvoerder in een reactie op de stakingsaanzegging van VSOA Politie. Het proefproject, dat nog moet worden opgestart, is bedoeld om de omstandigheden vast te leggen waarbinnen de taser zal worden gebruikt. Alvorens het wapen te mogen gebruiken, krijgen de politiemensen steeds de nodige opleiding, luidt het nog. De liberale politievakbond VSOA kondigde vandaag aan een stakingsaanzegging in te dienen omdat er geen wettelijk kader zou zijn voor het gebruik van de taser. Dus kan volgens de bond ook geen proefperiode opgestart worden. “Doordat er geen wettelijk kader is voorzien is de agent individueel verantwoordelijk voor het gebruik van dit nieuwe wapen”, zegt de vakbond, die eraan toevoegt dat ze niet tegen het gebruik van tasers gekant is.

Maar Binnenlandse Zaken ontkent dat er geen wettelijk kader is om het proefproject op te starten. Artikel 10 van het KB Bewapening van 3 juni 2007 machtigt de minister van Binnenlandse Zaken om het gebruik van ‘bijzondere bewapening” toe te staan, licht de woordvoerder toe. Zoals voor alle andere van types van bijzondere bewapening, zal de minister in dat raam voorafgaand aangeven wie, in welke omstandigheden en onder welke opleidingsvoorwaarden de taser mag gebruiken.

Het proefproject, dat dus nog opgestart moet worden, is net bedoeld om de omstandigheden waarbinnen de taser zal gebruikt, vast te leggen, aldus de woordvoerder die benadrukt dat politiemensen steeds de nodige opleiding zullen krijgen, alvorens ze het wapen mogen gebruiken. “Er is een rechtsgrond en die zal uiteraard worden nageleefd. Alle stappen die wettelijk voorzien zijn, worden nageleefd”, besluit hij.

bron: Belga