Tim Darcy: "In de liefde is niets gevaarlijker dan routine"

De kloof tussen pop en postpunk is voor de meeste mensen behoorlijk groot. Dat geldt niet voor de Canadees Tim Darcy. Als frontman van Ought is hij een graag geziene gast in punkmilieus, als soloartiest maakt hij nu in eigen naam gezellige deuntjes die eerder neigen naar pop. Het mag dan ook niet verbazen dat zijn debuutplaat ‘Saturday Night’ getuigt van een zeldzaam soort tijdloze klasse.

De eerste indruk kan misleidend zijn. Wie Tim Darcy ontmoet, verwacht eerder een verlegen nerd dan een vastberaden frontman. Gelukkig blijkt al snel dat mister Darcy niet bepaald op zijn mondje gevallen is en behoorlijk diep durft na te denken over de belangrijke zaken des levens. Die inzichten heeft hij netjes gebundeld op zijn nieuwe plaat.

Dit is jouw eerste soloplaat. Kon je binnen Ought je ei niet volledig kwijt?
Tim Darcy: “Daar komt het op neer. Drie jaar lang was ik zowat non-stop bezig geweest met het produceren van muziek voor Ought. Het werd tijd om daar verandering in te brengen. In eerste instantie was poëzie mijn belangrijkste creatieve uitlaatklep, maar hoe langer ik bij Ought speelde, hoe sterker ik begon te voelen dat ik mijn eigen koers wilde varen. Voor deze plaat was ik ook het enige groepslid dat geen muzikaal zijproject had. Niemand had er dus problemen mee toen ik aankondigde dat ik zelf een plaat wilde uitbrengen.”

“Sommige nummers kan ik zelf niet meer beluisteren. Te pijnlijk”

De muziek van Tim Darcy verschilt sterk van die van Ought. Had je nood aan radicale verandering?
“Niet noodzakelijk, al geef ik blijkbaar wel die indruk. (lacht) Veel mensen hadden niet verwacht dat er diep in mij ook een soort dromerige popartiest zou schuilen. Maar bij Ought wordt alle muziek met de hele groep geschreven, terwijl deze nummers helemaal uit mezelf komen. Bij Ought zijn de lyrics ook kristalhelder: we zeggen precies wat we bedoelen. Mijn eigen liedjes zijn gehuld in een laagje mysterie. Zo kan de luisteraar de nummers zelf inkleuren. Tijdens het schrijven van muziek probeer ik zo intuïtief mogelijk te werk te gaan. Een nummer is voor mij vaak gekoppeld aan één bepaald moment of gevoel. Het nadeel van die aanpak is dat ik naar sommige nummers van mezelf niet meer kan luisteren. Te pijnlijk. Daar had ik wellicht eerder aan moeten denken.” (lacht)

Hoewel je nummers poppy elementen bevatten, zijn het zeker geen licht verteerbare radiosongs. Heb je daar zelf bij stil gestaan tijdens het maken van de plaat?
“Met die vraag heb ik echt geworsteld. Enerzijds wilde ik mezelf geen creatieve beperkingen opleggen, anderzijds wilde ik natuurlijk ook zoveel mogelijk mensen bereiken met mijn muziek. Uiteindelijk kwam ik tot de conclusie dat er maar één manier was waarop ik deze plaat tot een goed einde kon brengen: door echt in mezelf te graven en op zoek te gaan naar mijn eigen authenticiteit. Dat is uiteindelijk waar het om draait. Het is daarom ook dat ik artiesten bewonder die zich helemaal verdiepen in één duidelijk genre, zoals het liefdeslied. Door die aanpak maak je jezelf zo ontzettend kwetsbaar.”

In ‘Still waking up’ heb je het over iemand die ‘not awake, yet alive’ is. Ik neem aan dat je hiermee niet wil verwijzen naar de sympathieke dagdromers van deze wereld?
“Dat nummer is eigenlijk een verborgen liefdeslied. In een relatie heb je altijd een bepaald beeld van je partner. Maar veel koppels maken de fout om dat beeld niet bij te stellen op tijd en stond, waardoor ze niet merken dat hun partner blijft veranderen en evolueren. Die houding is heel ongezond en kan op termijn het einde van de relatie betekenen. Daarom is het belangrijk om je ook in een lange relatie te blijven verbazen over je geliefde en je niet zomaar over te geven aan routines.”

Mare Hottebeekx

 Tim Darcy speelt op 22/02 in de Botanique te Brussel.