Bacquelaine roept Vandenbroucke en Academische Raad tot de orde

Bacquelaine roept Vandenbroucke en Academische Raad tot de orde

Pensioenminister Daniel Bacquelaine (MR) heeft vandaag in de Kamer opnieuw forse kritiek geuit op professor en voormalig sp.a-minister Frank Vandenbroucke en de Academische Raad voor het Pensioenbeleid die hij voorzit. Bacquelaine is van plan de raad tot de orde te roepen na de publicatie van een kritische open brief. “Met dit pensioensysteem wordt het ieder voor zich”, waarschuwden Vandenbroucke en de experts van de raad vorige week in Le Soir en De Standaard. Ze viseerden daarbij de individuele aanvullende pensioenen die Bacquelaine beoogt. Volgens hen staat dat haaks op de essentie van pensioenen, namelijk dat de risico’s gedeeld worden.

Bacquelaine reageerde eerder al verbaasd op de kritiek. In de plenaire Kamer deed hij er nog een schepje bovenop, door de werking van voorzitter Vandenbroucke en de Academische Raad op de korrel te nemen. “Het is niet door politieke opiniestukken te publiceren in de pers dat dit orgaan de rol speelt die de wetgever haar heeft toebedeeld”, klonk het. “Een nieuwe ontmoeting met de voorzitter lijkt me noodzakelijk om onze samenwerking op punt te stellen. Dat staat gepland voor 17 november.”

De liberale minister hekelde voorts dat hij nog steeds wacht op verschillende adviezen waar hij de Academische Raad om gevraagd heeft. En hij merkte fijntjes op dat de individuele aanvullende pensioenpiste slechts “een actualisering” is van wat Vandenbroucke destijds in 2003 als pensioenminister voorzag in zijn hervorming van de tweede pijler.

De oppositie pikte die “aanvallen op de man” echter niet. “U speelt op de voorzitter, maar het gaat over een tiental pensioenexperts. De kritiek is dus breed gedragen”, hekelde Groen-Kamerlid Wouter De Vriendt. Sp.a-collega Karin Temmerman noemde Bacquelaine “een man van het verleden” en “niet de minister van pensioenen, maar de minister van afbraak”. Bij de PS werd dat: “minister van pensioenfondsen”.

Meerderheidspartij CD&V benadrukte dat de collectieve dimensie van de tweede pijler niet op de schop gaat. “We rekenen er op dat het individuele aanvullend pensioen daarin wordt ingebed en dat dit een hefboom kan zijn om de tweede pijler te verbreden en uit te breiden”, stelde Kamerlid Sonja Becq.

bron: Belga

DELEN