Vlaamse en Nederlandse onderwijsministers delen expertise rond deradicalisering

Vlaamse en Nederlandse onderwijsministers delen expertise rond deradicalisering

In de strijd tegen gewelddadige radicalisering willen Vlaanderen en Nederland blijven samenwerken en expertise delen. Dat hebben Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits en de Nederlandse staatssecretaris voor Onderwijs Sander Dekker vandaag in Gent afgesproken tijdens de Vlaams-Nederlandse top. Vlaanderen en Nederland gaan niet alleen informatie en ervaringen uitwisselen, maar er komt ook een rondetafelgesprek over de aanpak van gewelddadige radicalisering. Eind deze week is het 1 jaar geleden dat Parijs werd opgeschrikt door zware aanslagen. De strijd tegen terreur en tegen vormen van gewelddadige radicalisering wordt op veel fronten gevoerd, ook op het onderwijsfront. De uitdagingen zijn bekend. Hoe moeten scholen omgaan met radicalisering, hoe kunnen ze signalen van radicaliserende leerlingen oppikken, enzovoort. Het zijn vragen die zowel in Vlaanderen als in Nederland leven.

Nederland en Vlaanderen hebben maatregelen genomen. Zo is het centraal aanspreekpunt rond deradicalisering in het onderwijs in Vlaanderen al 700 keer geconsulteerd. Het netwerk van islamexperten, dat vorig jaar werd opgericht om in het onderwijs een ‘tegendiscours’ over radicalisering en de islam te ontwikkelen, kreeg op een jaar tijd 255 aanvragen.

Imam Khalid Benhaddou, coördinator van het netwerk, legt uit: “In de meeste gevallen gaat het om vragen om vorming te komen geven met vragen over radicalisering of hoe IS is ontstaan. Soms moeten we ook curatief optreden (in het eerste jaar 29 keer, red.) wanneer er bijvoorbeeld gedragsverandering bij leerlingen wordt opgemerkt. Zoals wanneer leerlingen eisen om op bepaalde tijdstippen te mogen bidden of halalvoedsel te krijgen. We kijken dan of er een mogelijkheid is om met de ouders en de leerlingen in gesprek te gaan. Dat is niet altijd makkelijk”.

Aan Vlaamse kant werd ook het project Connect van de vzw Arktos voorgesteld. Dat project wil scholen in Vlaanderen en Brussel versterken in hun omgang met extreem risicogedrag. Een van de belangrijkste uitdagingen is ook die scholen te bereiken die mogelijk wel kampen met problemen, maar geen gebruikmaken van het ondersteuningsaanbod. Er zijn ook niet meteen hefbomen om die scholen te dwingen op een aanbod in te gaan. In Nederland heeft men wel een lijst van bijna 20 prioritaire gemeenten. “Dat zijn gemeenten waar we ons iets nadrukkelijker aanbieden”, aldus de Nederlandse staatssecretaris Dekker. Vlaams minister Crevits wil alvast bekijken of zo’n lijst met prioritaire steden en gemeenten zinvol kan zijn.

bron: Belga

DELEN