Jonge kinderen hebben moeite met nieuwe vormen van online reclame

Jonge kinderen hebben de meeste moeite met de herkenning en het begrip van zogenaamde advergames, online games die gemaakt worden voor marketingdoeleinden. Bovendien worden ze sterk beïnvloed door dit reclameformat. Dat blijkt uit onderzoek bij 1.343 Vlaamse kinderen onder 12 jaar. Wetenschappers van UGent, UAntwerpen, KU Leuven en VUB presenteren morgen hun inzichten van twee jaar onderzoek naar de reclamewijsheid van minderjarigen en hun ouders, de visie van de educatieve sector, adverteerders en een analyse van het regulerend kader. De wetenschappers zijn betrokken in het AdLit-project, “advertising literacy” of reclamewijsheid.

“Dat project wil nagaan hoe we kinderen en jongeren kunnen leren omgaan met reclame, zodat ze opgroeien tot geïnformeerde consumenten die zelf bewuste keuzes maken”, legt professor Liselot Hudders uit. Hun bevindingen worden gebundeld in een risico-analyse en vormen de basis voor beleidsaanbevelingen.

Uit het onderzoek blijkt ook dat gesponsorde inhoud en product placement problematische formats zijn voor jonge kinderen. “Ze zijn weinig kritisch omdat ze de formats zo leuk vinden. ‘Banner blindness’ is ook het geval bij jonge kinderen. Banners vallen weinig op, maar als ze opvallen, is het voor kinderen wel duidelijk dat het reclame is. Kinderen zijn ervan overtuigd dat ze weinig beïnvloed worden door reclame als ze het merk niet opmerken”, aldus Hudders.

Uit het onderzoek bij meer dan 2.600 jongeren blijkt dat zij van zichzelf denken dat ze relatief reclamewijs zijn. “Ze staan vrij negatief tegenover reclame: 26,9 procent van de jongeren geeft aan een ad blocker geïnstalleerd te hebben, terwijl een grote groep (56,3 pct) niet weet wat een ad blocker is. Hoewel sommige jongeren die bezorgd zijn om hun privacy, sceptisch staan tegenover gepersonaliseerde reclame, zien we dat sociale activiteiten, zoals chatten met vrienden, hen ontvankelijker maakt voor deze reclamevorm.”

Onderzoek bij meer dan 700 ouders toont aan dat ze relatief reclamewijs zijn, behalve tegenover advergames. “Ze hebben een eerder kritische houding tegenover reclame in het algemeen en proberen reclame te vermijden. Ze gaan er niet in de diepte over praten met hun kinderen en geven vooral mee dat reclame slecht is.” Uit het onderzoek blijkt ook dat ouders vinden dat hun kinderen vanaf 12 jaar in staat zijn om nieuwe reclamevormen ten volle te begrijpen en er kritisch mee om te gaan. Ze vinden het niet nodig om met kinderen te praten over geïntegreerde reclamevormen.

bron: Belga

DELEN