Joel en Ethan Coen: “George Clooney heeft ons erin geluisd”

De 66e Berlinale opende vorige week met een knal: op de rode loper paradeerden supersterren als George Clooney, Tilda Swinton, Channing Tatum en Josh Brolin. Ietwat achter hen verscholen, de flitsende camera’s zo veel mogelijk omzeilend, liepen de broers Joel en Ethan Coen, die met ‘Hail, Caesar!’ een prima openingsfilm leverden. Wanneer we hen daags nadien spreken, is Ethan nog niet uitgewandeld. Terwijl Joel in zijn stoel blijft zitten, beent de jongste van de broers door de kamer terwijl hij praat.

Schrijven jullie ook zo? Ethan ijsbeert, Joel zit en overschouwt rustig de situatie?

Joel Coen: “Ja. Zo weet je meteen hoe de machtsverhoudingen tussen ons zitten.” (lacht)

Over macht gesproken: klopt het dat George Clooney jullie zowat verplicht heeft om ‘Hail, Caesar!’ te maken?

Joel: “Je zou kunnen zeggen dat hij ons er heeft ingeluisd. Meer dan tien jaar geleden vertelden we hem voor het eerst over deze film. En aangezien George wel van practical jokes houdt, besloot hij om van dan af overal te beginnen rondbazuinen dat ‘Hail, Caesar!’ onze volgende film zou worden. Terwijl er nog niet eens een scenario was! We waren zelfs niet zeker of we er iets mee wilden doen, het was op dat moment nog louter een gedachtenexperiment. Maar het heeft gewerkt, want een paar jaar later, toen we ‘Inside Llewyn Davis’ hadden afgewerkt, zaten we ons af te vragen wat voor film we wilden maken, en toen zijn we dan toch maar beginnen schrijven aan dat project waar George niet over kon zwijgen. Dat is ‘Hail, Caesar!’ geworden.”

‘Barton Fink’, waarmee jullie in 1991 de Gouden Palm wonnen, speelde zich ook af in de filmwereld. Waarom wilden jullie opnieuw een film over Hollywood maken?

Ethan: “Daar hebben we niet bewust voor gekozen. In de eerste plaats leek het ons gewoon een grappige situatie: een ster wordt gekidnapt op de set van een hele dure film, waardoor de studio losgeld moet ophoesten. Dat ons idee zich toevallig in de filmwereld afspeelde, gaf ons wel de mogelijkheid om allerlei verschillende filmgenres te verkennen, simpelweg door de personages verschillende sets te laten bezoeken. Zo konden we er een stukje western insmokkelen, een dansnummertje, enz. Heel plezierig voor ons.”

HailCaesar_Scarlett

Hoofdpersonage Eddie Mannix is een ‘fixer’: hij moet zorgen dat de filmsterren zich gedragen en zich niet te veel in nesten werken. Jullie werken ook voortdurend met sterren, hoe gaan jullie om met hun ego’s?

Ethan: “Op onze sets valt dat bijzonder goed mee! Eerlijk waar.”

Joel: “Weet je, Hollywood is best saai eigenlijk. (lacht) Veel saaier dan wat je in de film ziet toch. ‘Hail, Caesar!’ is zeker geen weerspiegeling van onze eigen ervaringen.”

Ethan: “De acteurs die op onze sets staan, zijn daar enkel en alleen om aan de film te werken. Een andere reden kan er ook niet zijn: daarvoor betalen we te weinig. (lacht) Kijk, ego’s kom je overal tegen, maar eerlijk: in mijn ervaring zijn het meestal niet de acteurs, dat kan ik je wel zeggen!”

Wie dan wel?

Ethan: (grinnikend) “Mja, hmm, dat laat ik je zelf invullen.”

“In het echt is Hollywood veel saaier”

In het zogenaamde ‘studio system’ waren filmstudio’s oppermachtig. Zij kozen welke films hun acteurs en regisseurs maakten. Zou het iets voor jullie geweest zijn om in dat systeem te werken?

Joel: “Soms denk ik van wel. Af en toe zou het wel fijn zijn als er iemand kwam zeggen: ‘En nu maken jullie deze film.’ Of: ‘De regisseur van de western die we in studio 4 aan het draaien zijn, is weggevallen. Jullie nemen het over’.”

Ethan: “Uiteraard koesteren we onze onafhankelijkheid, maar vrijheid kan soms ook beangstigend zijn. Als je alles kan doen wat je wil, is het soms moeilijk om ook maar iets gedaan te krijgen.” (lacht)

Eddie Mannix heeft echt bestaan. Maar iets zegt me dat jullie het niet zo nauw hebben genomen met de feiten.

Joel: “Het enige wat we van hem hebben overgehouden, is zijn naam en zijn job. (lacht) Het personage van Josh Brolin in de film is zowat het tegenovergestelde van de echte Eddie Mannix. Dat was namelijk een redelijk… gore figuur. Hij heeft smerige dingen gedaan. Maar wij wilden een verhaal vertellen over een rechtgeaarde kerel, die probeert om het goede te doen.”

Meer zelfs: jullie vergelijken hem met Jezus! Zijn baas staat dan weer voor God, en er is ook een Satan-achtige figuur die probeert om hem te verleiden met een kwaadaardige job.

Ethan: “Klopt helemaal. Die drie figuren hadden we inderdaad in gedachten. Eddie heeft een directe lijn met de baas van de studio, die dus eigenlijk voor God staat.”

Joel: “We vonden het amusant om Eddie met Christus te vergelijken, terwijl de studio een film over Jezus aan het maken was.” (lacht)

Als Jezus in Hollywood werkt, dan is cinema een religie. Als je naar een film kijkt, moet je ook onvoorwaardelijk geloven, anders werkt het niet.

Joel: “Daar dachten we niet aan toen we de film schreven, maar in zekere zin heb je gelijk: je moet je aan een film overgeven en je rede uitschakelen. En als je eenmaal weet hoe het er achter de schermen aan toegaat, dan kan je niet meer op dezelfde manier in een film geloven. Het is een beetje alsof je naar de mis zou gaan, maar op voorhand wel had toegekeken hoe de priester zijn preek schreef en de wierook bijvulde.” (lacht)

Als ik jullie samen bezig hoor, klinkt het alsof jullie veel pret hebben bij het schrijven.

Ethan: “Als het vlot gaat wel ja. (lacht) Maar gek genoeg zijn het niet onze komedies waar we het hardst om kunnen lachen. Hoe donkerder het verhaal, hoe grappiger het voor ons wordt.”

Lieven Trio