Ruim 150.000 pinguïns op Antarctica sterven door klimaatopwarming

Het gaat niet goed met de pinguïns op Antarctica. Zo’n 150.000 Adéliepinguïns zijn de afgelopen jaren overleden omdat er een gigantische ijsberg is aangespoeld bij hun kolonie. Daardoor moeten de dieren zestig kilometer afleggen om eten te vinden.

De pinguïns van Cape Denisen in Commonwealth Bay leefden in de buurt van het water. In 2010 raakte een ijsberg van 2.900 vierkante kilometer vast in de baai, waardoor de kolonie ingesloten werd. Nu moeten de pinguïns heel wat kilometers overbruggen om vis te kunnen vangen.

De afgelopen jaren zijn zo al tienduizenden pinguïns overleden. Sinds 2011 is de kolonie gekrompen van 160.000 naar 10.000 pinguïns, zo blijkt uit onderzoek door het Climate Change Research Centre van de University of New South Wales in Australië. Volgens wetenschappers zullen de pinguïns, die al meer dan honderd jaar in Cape Denison leven, binnen twintig jaar uitgestorven zijn als de ijsberg niet verdwijnt.

“Het is hartverscheurend om in de buurt van de kolonie te komen”, vertelt Chris Turney, een van de wetenschappers. “De pinguïns die het overleven hebben het duidelijk moeilijk. Ze kunnen nauwelijks zelf overleven, laat staan hun volgende generatie voortbrengen. De grond ligt bezaaid met doodgevroren kuikens en verlaten eieren.”

Al in 2014 bleek uit wetenschappelijk onderzoek dat pinguïns lijden onder de klimaatopwarming. Door de toename van regenbuien en hittegolven sterven bijvoorbeeld ook veel pinguïnkuikens in Punto Tombo in Argentinië, waar de grootste kolonie van Magelhaenpinguïns leeft.